De vorige keer zaten we aan het bier op de ambassade in Nicaragua ons te verheugen op Costa Rica. We hebben er veel positieve verhalen over gehoord en die zijn allemaal waar. De natuur is hier echt prachtig en de wilde dieren zijn in drie versies te verkrijgen. Levend in een boom, gegrild met salade of ergens op de bullbar.

Paradijselijk!

In Costa Rica nemen we de minder toeristische wegen en die zijn uiteraard onverhard. De in grote getale aanwezige Amerikanen met huurautos rijden gemiddeld niet verder dan 25 km van hun resort, want ze vinden de brandstof hier te duur. Wij vinden 1 dollar per liter nog steeds prima want dan hebben we geen last van ze en we hebben het strand grotendeels voor ons alleen. We kruisen vele rivieren en moeten in verband met het tij goed opletten wanneer de rivier te doorwaden is met de auto. Op een moment hebben we het water over de motorkap golven en dat geeft geen fijn gevoel. De foto’s achteraf laten zien dat de golfslag meer te wijten was aan Bram z’n zenuwen in de 30 meter brede rivier en de daarbij behorende zware rechtervoet dan aan de diepte maar goed. We eten elke dag minimaal een kokosnoot en de apen klimmen gewoon op de auto en krokodillen liggen op het strand. Een aap trekt de bikini van Anouk uit onze tas in een nationaal park en Bram probeert de aap weg te jagen wat hij moet bekopen met een drietal krassen op zn arm. Nadat de aap kennis heeft gemaakt met schoenmaat 47 van Bram kunnen we weer verder op pad.

Bij de grensovergang naar Panama moeten we een eenrichtingsbrug over. De koppeling van de auto maakt sinds die ochtend een gierend geluid en we verliezen de achteruit versnelling. Bram stormt de brug over en moet verplicht terug van de douane voor de desinfectie van de auto. We zeggen dat de douane dan zal moeten duwen en dat vertikken ze uiteraard. Met deels gedesinfecteerde auto en krakende koppeling rijden we hortend en stotend Panama binnen. Uiteindelijk na 20 km kunnen we geen enkele versnelling meer wisselen en de auto valt stil met de versnellinsgpook ergens tussen de 1 en de 2. Meteen komen er mensen aan stormen met coca cola en koekjes om ons te hulp te schieten. Binnen 30 seconden hebben we een sleep naar een garage en binnen 60 seconden worden we thuis uitgenodigd bij Ricardo, onze sleep. Zijn buurman heeft een broer met een Defender 90 met hetzelfde bouwjaar en hij weet waar we een druklager kunnen krijgen die bij het laten zakken van de versnellingsbak versleten bleek te zijn. Binnen 20 uur na het stilvallen land er een vliegtuig uit Panama City met aan boord een nieuwe koppelingsset voor ons. We kunnen het amper geloven maar voordat we het weten zijn we weer op pad met dank aan alle hulp vanuit alle kanten.We moesten geld via een bank overmaken naar het contact in Panama City voor de onderdelen en we beginnen ook al met pinnen voor de verscheping van de auto die we cash moeten betalen. We zijn een beetje zenuwachtig met zoveel geld op zak maar de bankmedewerker die ons niet helemaal begrijpt stelt ons gerust. Beneden de miljoen dollar stellen wij hier geen vragen. We begrijpen meteen waarom de man achter ons in de rij sporttassen uit z’n Hummer aan het laden was.

Hee Bram, er zit een aap op de auto!

Op dit moment zijn we druk bezig met de verscheping van onze auto naar Colombia. Door het ontbreken van 150 km asfalt en wegen zijn we genoodzaakt de boot te nemen. Men heeft in 1913 het Panama kanaal kunnen bouwen en men zet in de jaren 60 de eerste Land Rover op de maan neer maar een weg van 150 km aanleggen lukt al jaren niet. We vermoeden dat de Panameese overheid te veel baat heeft bij het binnenlaten van de grote hoeveelheden marcheerpoeder uit Colombia maar er zit niets anders op dan de boot te nemen. We moeten allerlei loketten langs en betalen links en rechts politieagenten, douane en andere zogenaamde officials met FC Barcelona shirts om alle documenten op tijd te hebben. In de haast om alles goed te doen en in de plensende regen rijdt Bram vol gas achteruit tegen een geparkeerde auto aan. Het blijkt de Defender 110 van onze Zwitserse vrienden te zijn die de auto dicht achter ons hebben gezet zodat we ze niet kunnen missen (dat laatste klopte in ieder geval). Ze hebben een verstevigde bumper die de klap grotendeels opvangt maar wij hebben wel wat schade. We gaan er nu niets aan doen, want dan missen we de boot. In Colombia zien we wel weer verder. Het inladen van de auto in de container was tijdrovend, maar redelijk eenvoudig. De douane zei doodleuk: “Jullie gaan naar Colombia dus we hoeven de honden niet te gebruiken.” Deze keer hebben we in ieder geval schade voor de verscheping en we zullen binnenkort weten of dit het enige is als we aan de andere kant in Colombia aankomen. Dit zal Bram alleen gaan uitvinden, want Anouk vliegt voor 3 weken terug naar Nederland, om daarna weer naar Colombia terug te komen.